In 2026 is in Borne een bijzondere boom geplant, een nazaat van de Anne Frankboom uit Amsterdam. Het gaat om de witte paardenkastanje waar Anne Frank tijdens de Tweede Wereldoorlog vanuit haar onderduikplek op uit keek.
In haar dagboek beschreef Anne Frank de oorspronkelijke kastanjeboom aan de Keizersgracht, als haar enige contact met de natuur, wat haar hoop en troost bood in bange tijden.
In 2010 is de boom tijdens een storm omgewaaid, maar zaailingen zijn verzameld en veiliggesteld en konden daardoor worden opgekweekt tot boom.
Nazaten worden in gemeenten geplant als een fysiek en blijvend aandenken aan de Holocaust. De boom symboliseert hoop, vrijheid, veerkracht en de verbinding tussen verleden en toekomst.

Op 4 mei 2026 is de boom onthuld door kinderburgemeester Elise Middelwijk. De boom is geplant achter het monument ’t Jasje, tegenover het treinstation in Borne.
De nazaat van de Anne Frankboom is beschikbaar gesteld door stichting Elementree, stichting Wereldboom en van den Berk Boomkwekerijen. De nazaat is geleverd met een certificaat van Echtheid.
Meer achtergrond over de kastanjeboom is terug te vinden op de website van de Anne Frank Stichting.
Locatie
De Anne Frank boom bevindt zich tegenover het NS-station in Borne, achter het monument 50 jaar naar dato, beter bekend als ’t Jasje.
Gedicht Zaailing – Stevine Groenen (voorgedragen bij de onthulling van de nazaat van de Anne Frankboom op 4 mei 2026)
Zaailing
In gedachten heb ik je daar zo vaak zien zitten, Anne, op de plankenvloer
bij het onverduisterde zolderraam, met uitzicht op de kastanjeboom,
de enige plek in het Achterhuis waar je vrij kon ademhalen, waar je
in de scheervlucht van zilverige meeuwen mee kon vliegen naar het strand, om daar
met je meisjeshanden een kasteel te bouwen van blauwe lucht, de zon weer te zien schijnen
in het water.
Je ster bungelde aan een draadje, verwaaide als een vlieger in de wind, een merel
verweefde hem zonder dralen in zijn nest en zong lieflijke nocturnes, dankbaar
stroomde je hart vol van tederheid, mooier dan vorig jaar de lente, de kastanje breder, van boven tot
onder gevuld met handvormige bladeren en witte toortsen voorzien van honingmerk om
bijen te verleiden, zelfs bloemtrossen geven bedekte boodschappen door, verkleuren als ze bevrucht zijn,
maar jij kon van ontroering niet meer spreken.
Gelukkig gaf je meer om herinneringen dan om jurken en hield je je vulpen bij de hand (al beweren
laserracisten van niet), zo gaf je in je dagboek met rood geruite kaft de wereld iets kostbaars mee:
we zien het voor ons, kunnen niet langer ontkennen dat we het wisten
hoe ’s avonds langs de huizen goede en onschuldige mensen liepen
met huilende kinderen in hun armen, steeds maar lopen, alles, alles,
gaat mee in de tocht naar de dood, schreef je.
Schoonheid ligt besloten in een stekelige felgroene bolster, binnenin
wist je een kern, glanzend als de vacht van de kat en het gewreven mahonie van meubels
in het bovenhuis aan het Merwedeplein, een zaailing in de aarde van een verborgen binnenplaats,
dit is wat je achterliet, je schrijfsels en mijn liefde voor een kastanje.
Foto’s
Foto bovenaan deze pagina – Blik op de kastanjeboom vanuit het zolderraam – bron: Anne Frank Stichting
Foto in tekst – Anne Frank boom op locatie in Borne
